‘Het leek onmogelijk deze studenten achter een beeldscherm te krijgen’

Stel je bent een jongere en bent om welke reden dan ook uitgevallen op school. Je volgt het onderwijs- en coachingprogramma zoals In-Gang die jou weer op de rit moet krijgen. En dan plots gaat in het voorjaar de school dicht vanwege het coronavirus. Hoe lastig moet het zijn om deze kwetsbare jongeren binnenboord te houden? Docent Rick Klaver en leerling Monica blikken terug.

Merijn van Grieken 22-03-2021 Leestijd 4 minuten
img

Rick Klaver, docent en coach bij In-Gang:

Hoe is deze coronatijd?

“De lockdown in het voorjaar was lastig. Onze jongeren hebben vaak al extra ondersteuning nodig om naar school te komen. Om ze voor een computerscherm te krijgen, leek in eerste instantie dan ook onmogelijk. Mijn collega’s en ik zijn daarom in de lockdown-periode van de eerste golf veel bezig geweest met het persoonlijk onderhouden van contacten. Dat deden we vooral om de jongere niet uit het zicht te verliezen. Voor degenen die er behoefte aan hadden, gaven we opdrachten waarmee ze aan de slag konden. Uiteraard vaak gewoon Nederlands en rekenen, maar soms ook juist opdrachten die met beroepsoriëntatie te maken hadden.”

Wat gebeurde er na de strikte lockdown-periode?

“Vanwege de kwetsbaarheid van onze doelgroep konden we gelukkig weer aan de slag in ons schoolgebouw. Door alle maatregelen weliswaar met één hand op de rug, maar in de periode tot de zomervakantie hadden we gelukkig weer jongeren in huis. Het persoonlijke contact is voor hen van erg groot belang. Ook konden we in deze tijd de studenten helpen een plek te vinden bij een toekomstige opleiding. Dit was vanaf afstand vaak goed te doen. Het nieuwe schooljaar zijn we in september vol goede moed begonnen. Met de aanpassingen kunnen we redelijk uit de voeten. Helaas kunnen we niet het aantal jongeren begeleiden wat we gewend zijn. We mogen maximaal 8 studenten in de klas hebben, terwijl onze groepen altijd uit 18 jongeren bestaan. Voor de jongeren die niet direct in ons ‘normale’ programma zitten, zijn we ambulante klassen begonnen. Zodra er plek is in de klas stromen ze door.”

Wat gaat goed?

“De groepen en de programma’s die we op dit moment draaien, gaan hartstikke goed. Tijdens de lockdown hebben we de tijd gehad om het programma onder de loep te nemen en hier en daar wat aanpassingen te maken. Die worden enthousiast ontvangen door de studenten en hierdoor wordt het voor hen een logisch verhaal om hier te zijn. Doordat ze zelf besluiten dat het logisch is dat ze met dit programma meedoen, is er minder weerstand. Ook kunnen we met de 1,5 meter regel nog prima een keer in week een activiteit doen. Dat varieert van fietsen, boulderen tot schilderen. We doen dus redelijk ons gebruikelijke programma, alleen met minder studenten. Hierdoor hebben we nog meer tijd voor persoonlijke aandacht in de groepen.”

Wat is lastig?

“We werken met veel partners samen om voor onze studenten een goed programma te maken. Door Covid-19 is het soms iets lastiger om elkaar te vinden omdat we werk hebben waar het over het algemeen fijn is om gewoon even bij elkaar te komen, maar we doen wat nodig om er voor te zorgen dat iedereen veilig en virusvrij blijft. Dat is het voornaamste en dat snapt iedereen ook.”

Monica (16), leerling bij In-Gang

Monica was blijven zitten op de mavo en kon vanwege psychosociale omstandigheden weinig naar school. Ze pakte de draad op bij In-Gang.

Hoe heb je de coronatijd ervaren?

“Na een moeilijke tijd had ik mijn draai weer gevonden, nu bij In-Gang. Het was wennen om überhaupt weer naar school te gaan. Ik vond het heel prettig om weer in een klas te zitten met anderen. Ik was net een half jaar bezig toen de scholen dichtgingen. Dat was moeilijk. Ik miste het persoonlijke contact met klasgenoten en docenten en vond het lastig om ineens thuis met mezelf opgescheept te zijn. Ik merk dat ik veel motivatie haal uit de anderen door samen te zijn en door samen opdrachten te maken. Dat is heel fijn. Online is anders, zo veel onpersoonlijker. Zodra de les klaar is, sluit je af en klaar. Ik miste het nakletsen en het op school zijn. Toch haalde ik ook energie uit de online momenten. Beter dan niets. En de docenten hebben veel gebeld met ons. Dat was prettig. Ik was heel superblij dat het weer gedeeltelijk openging.”

En nu zijn we in de tweede golf beland.

“Ik ga met angst voor het virus naar school. Ik wil niet ziek worden. Maar ik ben heel dankbaar dat school open is. Als school weer gedeeltelijk moet sluiten, zou ik dat lastig vinden, maar ik weet u dat ik er de eerste keer ook doorheen ben gekomen. Ik weet nu wat me te wachten staat. En dat geeft me vertrouwen.”

Hoe zie je je toekomst?

“In januari begin ik met niveau 3. Ik wil graag kant op van de geestelijke gezondheid. Ik wil mijn ervaringen delen met anderen.”

Bij In-Gang zitten jongeren van 16-27 jaar uit regio Haaglanden die vanwege psychosociale problemen en/of gedrag op school zijn uitgevallen. Ze zijn doorverwezen door leerplicht/vsv-ambtenaren en krijgen in een relatief kleine groep de kans om schoolvaardigheden te ontwikkelen.
Het traject kent vijf verschillende programma’s namelijk een VTE-programma (Voortraject Entree), VTM-programma (Voortraject MBO), VTV-programma (Voortraject VaVo (Einde van het schooljaar), Ambulantprogramma (Maatwerk) en Internationaal programma (Int-Gang). Na een positieve afsluiting van het programma stromen studenten door naar een opleiding, werk en/of hulpverlening.


flag-item